Maak kennis met deze twee stijlen die zo bepalend zijn voor het eerste deel van de twintigste eeuw. Laat je meeslepen door schilders als Delauney, laat je betoveren door de ontwerpen van Coco Chanel en laat je inspireren door architecten als Gaudí en Berlage!
Als een sierlijke vlek verspreidt art nouveau zich rond 1900 over Europa. Flamboyante lijnen, grafische motieven en geometrie; dat kun je hier verwachten. Waarom die drang om de omgeving mooier te maken? En hoe uitte die zich in de kunsten?
De Academische kunst was eind 19e eeuw de standaard in Europa. Kunstenaars hebben schoon genoeg van al die zouteloze neostijlen. Als reactie daarop vinden ze een nieuwe kunst ‘art nouveau’ uit: floraal en sierlijk, óf juist sober en geometrisch. Binnen deze stijl draait alles om verfraaiing én verbetering. In elk land heeft hij een andere naam: Jugendstil, Sezession, stile floreale of nieuwe kunst.
Werk van onder anderen Gaudí, Horta, Mackintosh en Berlage komt aan bod in deze prachtige reeks. Het schetst de opkomst en bloei van de nieuwe kunst in Europa en de Verenigde Staten en laat de schitterende gevolgen van deze sierlijke vernieuwingsgolf zien.
Vanuit een echt Art Nouveau decor: Cafe Schiller in Amsterdam, neemt kunsthistoricus Fredrike Upmeijer je mee.